De pioniersfase deel 4: utopische idealen en de eerste lessen.

Kinderparadijs?

We startten op 3 januari 2003 met zes meiden en twee vrijwillige begeleiders; het was één groot feest. Naast de grote zaal hadden we toendertijd een keuken, een multifunctioneel inzetbare kamer en een kringenkamer. Driehonderd vierkante meter voor acht mensen; dat moest toch goed komen? Nou, dat kwam het in eerste instantie ook. Het was fantástisch. Een kinderparadijs. Een locatie om te zoenen. Zo groot, zo groen, zo dicht bij het bos, de Soester Duinen, bibliotheek, openbaar vervoer en winkelcentrum op loopafstand. Een droom van een school, die voldeed aan onze idealen. Iedereen was vol verwachting en we speelden naar hartelust, de eerste paar weken. Daarna kwamen de eerste ‘kinkjes in de kabel’ of moet ik zeggen de eerste ontwikkelingskansen? 

Kibbelen, strijd en verdriet

Er werd een hut gebouwd van één vierkante meter door twee meiden, in de toenmalige grote zaal. De andere meiden wilden heel graag meespelen maar dat mocht niet. Wij als stafleden werden ingeroepen om te helpen bemiddelen. Maar al onze tips ten spijt, de strijd was nog lang niet voorbij. Zussenstrijd, meidenvenijn, bondjes smeden, ‘vriendinnen stelen’, kibbelen, hutten die gebouwd werden en weer ‘per ongeluk’ instortten. Boosheid, drift en verdriet kwamen in volle hevigheid naar boven. Ook de grenzen van persoonlijke vrijheid en gezamenlijke verbondenheid kwamen op scherp te staan. De rangorde wilde zijn orde hebben.  Wauw…. dat alles speelde zich af op die ene vierkante meter. 

Utopische idealen en de realiteit

Ik realiseerde mij toen in volle glorie dat mijn utopische idealen niet helemaal realistisch waren, maar de realiteit minstens net zo boeiend. Want hoe gaaf is het als je met elkaar door al die weerstanden heen geworsteld bent, weer lol en plezier kunt maken met elkaar en zelfs beste vrienden kunt worden? Ontwikkelingsmogelijkheden voor het leven. Ik leerde toen dat je door de weerstanden, schuring en conflicten heen, heel veel leert van jezelf en die ander. In de hitte van de strijd heb je dat niet zo in de gaten en het ziet er niet altijd fijn uit, maar dat inzicht komt vaak veel later. Onze sociocratische communicatiemethode is daar mijn inziens altijd de hoofdrolspeler in geweest. Hoe moeilijk het in het begin ook was voor iedereen om niet op elkaar te reageren maar te leren luisteren naar elkaar. 

Studenten die niet in een ‘kring’ wilden zitten

De schoolkring werd in het leven geroepen, maar de studenten wilden niet in een ‘kring’. Niet iedereen had daar blijkbaar goede ervaringen in gehad op hun vorige scholen. Daarom begonnen met ‘knabbel & babbeltijd’ om laagdrempelig te kletsen over hoe het op school gaat, waar we tegenaan lopen, wat gaat goed wat kan beter,  etcetera. Dat beviel schijnbaar goed, er werd naar ieder individu geluisterd en we zochten samen oplossingen voor problemen. Reuzeleuk en ook reuzespannend.

Ook wij moesten ontscholen

Naar aanleiding van de eerste conflicten werden de eerste afspraken gemaakt. Ook dit was een hele reis. Vrijheid in verbondenheid is het grote ideaal, maar dan moet je nog wel leren hoe dat moet! In het begin wilden de studenten en stafleden overal afspraken over maken. Dat gaf veiligheid in die grote vrije oase, dachten we… want we wisten nog niet hoe het werkt met intrinsieke motivatie en persoonlijke verantwoordelijkheid. Eerst moesten we ons vrijvechten van het oude juk en zelf uitvinden hoe het werkt. Ontscholen heet dat.

Onze idealen op de proef gesteld

Het werd een oerwoud van afspraken en als er geen afspraken over waren werden er waar mogelijk de  grenzen opgezocht. Kortom: ‘Wild Westtaferelen’ en ‘survival of the fittest’. De toenmalige onderzoekskring (nu bemiddelingskring) had er de handen vol aan! Het was geen fijne tijd en ik weet nog dat ik dacht: daar gaat mijn utopische droom! Mijn droom van een respectvol, veilig, liefdevol, compassievol kinderparadijs vol nieuwsgierige leergierige studenten. Maar ik dacht ook: dit hoort blijkbaar bij de ontwikkeling van deze gemeenschap. We moeten met elkaar door deze domme ellende heen om er samen een groter plan in te ontdekken. Niet opgelegd door de oude moraal maar door wezenlijke ervaring. Door schade en schande wijs worden, door fouten te maken echte leerervaringen opdoen. Wat zijn we op de proef gesteld! Getest op ons doorzettingsvermogen, geduld en vertrouwen houden. Tot op de dag van vandaag ben ik blij, want we hebben heel veel geleerd en heel veel gewonnen. De sfeer op school is over het algemeen goed en we weten met elkaar wat we willen en niet willen. We spreken elkaar aan en we leren nog elke dag nieuwe dingen. En zonder het streven naar onze idealen was dat allemaal niet gelukt!

Aanbevolen artikelen

Reacties