Terug naar De Ruimte

Janneke appte: “Je moet voor jou aan de achterkant naar binnen.” Dat klopte, want in de tijd dat ik staflid was, was de deur bij de zandvlakte de ingang. Dertien jaar geleden nam ik afscheid en op een enkel bezoekje na was ik nooit meer terug op De Ruimte geweest. Het was best een beetje spannend om terug te gaan naar een plek waar ik een aantal jaar van mijn leven heel intensief bij betrokken ben geweest. Dat het veranderd zou zijn wist ik wel, maar in hoeverre zou ik ‘mijn’ school nog herkennen? 

Een beetje onwennig stap ik binnen, vraag een student waar ik Janneke of Dorianne zou kunnen vinden, en als ze mij de weg hebben gewezen door het doolhof (want ja, het gebouw van binnen is bijna onherkenbaar veranderd) en ik Janneke tref, is het goed. Ik voel me binnengehaald als een oude goede bekende, en eigenlijk voelt het ook zo. De studenten hebben andere gezichten, het gebouw een andere inrichting, er zijn een aantal andere stafleden, maar los daarvan: ik herken mijn school nog. Overal kleine plukjes kinderen betrokken bezig, de geur van tosti’s, leeftijden door elkaar. Ik voel meteen weer de rust die ik jaren geleden ook zo fijn vond. Het gevoel van vrijheid en de verbondenheid met de mensen om je heen, is er nog steeds.

2004: Liza en Kira (een van de eerste studenten op De Ruimte)

De dag vliegt voorbij; ik word rondgeleid door drie studenten, ik spreek oude bekenden en nieuwe gezichten, maak kennis met de drie domeinen, en zie hoe het Corona-virus ook hier geen onbekende is, en hoe iedereen daar op zijn eigen manier mee omgaat. Wat me vooral opvalt is de vanzelfsprekendheid waarmee de school draait en de weinige conflicten die ik zie. In ‘mijn’ tijd was dat anders, omdat we toen echt nog aan het pionieren waren en alles zelf moesten uitvinden. Inmiddels bestaat De Ruimte lang genoeg om een behoorlijk solide basis te hebben. Ook zijn heel veel (praktische) zaken professioneler geworden. Grappig vind ik dat sommige discussiepunten van meer dan dertien jaar geleden nog steeds af en toe de kop opsteken, zoals het gamen en het gebruik van certificaten.

Het is heerlijk om deze dag hier door te brengen en me zo welkom te voelen! Het wakkert bij mij het vuurtje weer aan, dat overigens nooit uit is geweest, en het laat me stilstaan bij wat ik op de Jenaplanschool waar ik werk, zo belangrijk vind met de kinderen: gelijkwaardigheid. In mijn tijd op De Ruimte vond ik de interesse in elkaar als mens het mooist, de grote vraag was daar altijd: wie ben jij? Die oprechte interesse zonder oordeel heb ik altijd met me meegedragen en misschien maakt dat wel, dat ik het ook op mijn Jenaplanschool fijn heb. Want overal waar mensen zijn, kan ik ze vragen wie ze zijn. En zonder veroordeeld te worden, mogen ze hun eigen antwoorden ontdekken.

Veel te vroeg naar mijn zin neem ik afscheid, om mijn eigen kinderen uit school te halen. Want één van mijn antwoorden op de vraag ‘Wie ben jij?’ is vol overtuiging: de moeder van Sam en Sophie.

Liza Bosman, oktober 2020

Leuk weetje overigens: de kleur van het gebouw, Scandinavisch rood, was mijn idee. We moesten de lelijke bruine buitenkant verven en ik was toen net op vakantie in Zweden geweest, en ik vond het houten gebouw in de bossen wel wat Scandinavisch aandoen. Iedereen was enthousiast toen ik dat opperde. Echt leuk dat het nog steeds die kleur is!

Recommended Posts

Leave a Comment